Zes miljoen jaren geleden verlieten een aantal apensoorten de geborgenheid van de bomen om op de grond te gaan leven. Stap voor stap leerden ze rechtop lopen op hun achterste poten. Zo hadden ze de voorste poten vrij voor werktuigen en wapens. Nog vele miljoenen jaren later zien we dat de eerste mensen goede jagers geworden zijn. Echt hardlopen deden ze niet, want daarmee verbruikten ze te veel energie en het voedsel was schaars. Maar het waren perfecte wandelaars en joggers. Vele dagen lang en kilometers na elkaar konden ze hun prooi achterna zitten.
Vandaag de dag jagen we niet meer. Integendeel, we doen nu meestal iets waarvoor we helemaal niet gemaakt zijn: stilzitten. We zijn ‘couch potatoes’ geworden, leden van de ‘patatgeneratie’ die veel tijd al zittend doorbrengen. Maar ons lichaam is nog altijd gemaakt om te bewegen. Een cocktail van bewegingsarmoede en ongezonde voedingsgewoonten heeft geleid tot een epidemie van ‘welvaartsziekten’, zoals hartproblemen en overgewicht. Onderschatten doen we ze beter niet, want het zijn echte sluipmoordenaars. Jarenlang doen ze ‘ondergronds’ - in onze bloedvaten - hun vernietigende werk.
Nochtans kunnen weegschalen, bloeddrukmeters, hartslagmeters en vetmeters de risico’s op tijd blootleggen. Ze kunnen ons motiveren om er echt iets aan te doen. Want we beseffen veel te weinig wat er zich in ons lichaam afspeelt op het moment dat we bewegen, stilzitten, eten of diëten.
Om dat beter te begrijpen, kruipen we in het eerste hoofdstuk in het onderhuidse tunnelnetwerk van het fantastische fabriekje dat ons lichaam is.